CANS

Cans staat voor 'complaints of the arm, neck and/or shoulder'. Klachten van de arm, nek en/of schouder kunnen het gevolg zijn van een duidelijke aanleiding, bijvoorbeeld spierpijn na het sporten. Deze klachten gaan na enkele dagen vanzelf weer over.  Langdurige klachten aan de arm, nek en/of schouder zijn onder te verdelen in specifieke en a-specifieke klachten. Bij specifieke klachten is er een medisch aantoonbare oorzaak gevonden. Bekende specifieke aandoeningen zijn de tenniselleboog, het carpaal tunnel syndroom en het rotator cuff syndroom. Bij a-specifieke is er geen medische oorzaak te vinden.

Nederlandse behandelaars hebben in 2004 afgesproken de term CANS (complaints of the arm, neck and/or shoulder oftewel klachten aan de arm, nek en/of schouder) te gebruiken voor klachten met een duidelijke medische oorzaak (specifieke klachten). De term CANS vervangt RSI. De reden hiervoor is de onduidelijkheid en negatieve associaties die met de term RSI samenhangen.

Risicofactoren
Er zijn verschillende soorten risicofactoren waardoor klachten aan de arm, nek en/of schouder kunnen ontstaan.

  • Fysieke (lichamelijke) belasting
    Door vaak dezelfde beweging te maken kan een spiergroep of een pees geïrriteerd raken. Continu kracht zetten of in een onnatuurlijke houding zitten of staan, kan ook een overbelasting van spieren veroorzaken.
  • Psychosociale belasting
    Een hoge psychische belasting (werkstress, werktempo, werkdruk, hoge mentale eisen) kan in combinatie met bijvoorbeeld een slechte werkorganisatie of verstoorde werksfeer leiden tot hogere spierspanning. Dit vergroot de kans dat een klacht voort blijft duren.
  • Persoonsgebonden factoren
    Waarschijnlijk spelen ook individuele factoren een rol, zoals een perfectionistische instelling en iemands fysieke en mentale belastbaarheid.

Klachten van de arm, nek en/of schouder komen vrij vaak voor bij mensen die administratieve werkzaamheden verrichten. Maar ook mensen in de industrie, vleessector of bouwnijverheid hebben klachten. Ook andere dagelijkse activiteiten kunnen CANS veroorzaken, zoals het huishouden doen, het spelen van een muziekinstrument of tennissen. Klachten die op het werk ontstaan kunnen thuis storend zijn en vice versa.

Behandeling
De huisarts kan met name voorlichting geven over de klachten en bepalen of er nader onderzoek nodig is. Veel mensen vragen zich af welke specialist over klachten van de arm, nek en/of schouder gaat. De huisarts bepaalt voor iedere patiënt of en zo ja, welke specialist kan helpen. Als de klachten a-specifiek zijn, is het meestal beter om bij de huisarts of eventueel de bedrijfsarts onder controle te blijven. Samen kan dan gekeken worden naar aanpassingen thuis en/of op de werkplek die de klachten verlichten. Naast een goede lichaamshouding zijn ook de indeling, planning en taakverdeling van activiteiten belangrijk.

Bron: werkendlichaam.nl